Welkom op

Prachtnonnen

De Prachtnon wordt ook wel witborstnon genoemd vanwege de licht borstkleur. Niet iedereen vindt die erg lichte ( "koude") kleur mooi, daarom worden ook veel prachtnonnen gezien met een meer beigeachtige borst ( dit noemt men dan een "warme"kleur) . De voorkeur van de keurmeester maakt vaak uit welke uitvoering het best beoordeeld wordt. Het is de kleinste onder de nonnen, wordt max 10 cm groot. De meeste Prachtnonnen komen voor in Nieuw-Guinea.

Het geslachtsonderscheid ie erg lastig en alleen goed te doen via een DNA test of te wachten tot de mannen gaan zingen. Dit zingen stelt niet veel voor en het daarom raadzaam goed te kijken naar keel van het beestje. Het zijn erg verdraagzame vogeltjes die niet snel in paniek raken en na verloop van tijd zelfs heel rustig kunnen worden. Ideale vogels voor in de voliere, waar ze ook in de winter kunnen blijven mits ze 'snachts in een vorstvrij en tochtvrij nachthok kunnen verblijven.

De vogels stellen weinig eisen aan het voer; gewone tropische mengeling met af en toe wat eivoer en wat universeel of insectenvoer. Alleen als ze jongen hebben dan wordt extra dierlijk eiwit erg op prijs gesteld: buffalo's, pinkies en geknipte meelwormen worden dan met graagte gegeten en aan de jongen gevoerd. Verder natuurlijk net als bij andere vogels drink en badwater; grit en maagkiezel. 

De prachtnon is een echte conditievogel. Als de borst mooi egaal is en de overgang naar de zwarte kop scherp en als tevens de vleugelkleur goed is en de stuit mooi reebruin, dan is het een prachtige tentoonstellingsvogel. Schraal voeren is wel een noodzaak om de vogel goed in conditie te houden. Eigenlijk is dit een overbodige opmerking want spaarzaam voeren geldt voor iedere vogel omdat het gebrek aan beweging vaak leidt tot vervetting.

Het kweken kan met prachtnonnen in een ruime broedkooi ( 60-80 cm breed) of in de voliere. In de broedkooi dient u er wel op verdacht te zijn dat ze snel van het nest wippen bij onraad. Na inspectie van de omgeving en het gevoel dat niets bedreigends in de buurt is gaan ze weer snel door met broeden. In de voliere verdient de voorkeur omdat de vogels zich heerlijk kunnen uitleven, niet vervetten en op eenvoudige wijze dierlijk voedsel kunnen bemachtigen ( vliegjes, spinnetjes etc). Wanneer fruitafval in de voliere wordt gegooid zijn binnen no time aantallen fruitvliegjes voorhanden. Als nestkastje kan een half open of een geloten kastje met een invlieggat van 3,5 tot 4 cm gebruikt worden. Sisal en cocosvezel zijn de materialen waar een nest van wordt gemaakt. Het aantal eitjes kan soms wel oplopen tot 6 stuks. De jongen worden over het algemeen goed gevoerd en verlaten na een kleine drie weken het nest. Na nog eens drie weken zijn ze zelfstandig, maar het op kleur komen kan vaak wel tot 6 maanden duren. 

 

 

Jonge prachtnonnen van circa 5 dagen. Ze worden gevoerd met pinkies en buffaloos en krijgen 2 maal per dag eivoer op het menu.

Groeien als kool.

 

 

De prachtnonnetjes zijn inmiddels prachtnonnen geworden, goed in de veren , geringd en ongeveer 14 dagen oud. De dierlijke eiwitten doen de pullen snel groeien en de verwachting is dat ze met een dag of vijf uit zullen vliegen. Hopelijk zijn ze net zo mooi als hun vader die zilver behaalde op de Mondial 2015

hieronder nog wat foto's van de districtTT en de Mondial 2015 van de COM te Rosmalen waar met een prachtnon Zilver werd behaald met 93 punten.

Inmiddels, 6 juli 2015, zijn van verschillende broedkoppels de jongen uitgevlogen en tel ik reeds 15 jongen. Wat een weelde als je bedenkt dat de eerste ronde eigenlijk niets anders had opgeleverd dan verdroogde eieren.